BAANGERELATEERDE INVESTERINGSKORTING (BIK)

Op Prinsjesdag heeft het Kabinet de komst van de Baangerelateerde Investeringskorting (BIK) aangekondigd. Het doel van deze regeling is dat het MKB blijft investeren; op korte termijn dragen de extra bestedingen bij aan het behoud van banen en op lange termijn dragen deze investeringen eraan bij dat bedrijven hun verdienvermogen uitbreiden, vernieuwen, en zich zo aanpassen aan veranderende omstandigheden. Inmiddels is de regeling verder uitgewerkt en is hiervoor een aangepast wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel komt op het volgende neer:

Investeringen:

De BIK is van toepassing op investeringen in nieuwe bedrijfsmiddelen die ondernemers in de periode van 1 oktober 2020 tot en met 31 december 2022 zijn aangegaan, en welke in 2021 en 2022 (dus niet in 2020) volledig zijn betaald. De bedrijfsmiddelen moeten in gebruik zijn genomen binnen 6 maanden na volledige betaling. De BIK sluit daarmee zo veel mogelijk aan bij de KIA, maar kent in ieder geval twee afwijkingen:

  • Voor de KIA geldt een minimale investering van € 450 per bedrijfsmiddel, terwijl de ondergrens voor de BIK € 1.500 is;
  • De BIK is niet van toepassing op verbeterings- en voortbrengingskosten van een bedrijfsmiddel.

Staffel 2021

Voor investeringsverplichtingen die in 2021 volledig zijn betaald, gelden de volgende afdrachtsverminderingen:

  1. 3% van het investeringsbedrag tot en met € 5.000.000, vermeerderd met;
  2. 2,44% van het investeringsbedrag voor zover dat meer dan € 5.000.000 bedraagt.

De BIK is een regeling voor ruim twee jaar, waarbij een budget is afgegeven van € 4 miljard. Aan het einde van 2021 zal bekeken worden of het budget van € 2 miljard voor 2021 toereikend was. Ook als blijkt dat het budget voor 2021 wordt overschreden, blijven bovenstaande parameters op alle BIK-aanvragen in 2021 van toepassing. Als blijkt dat het budget (fors) is overschreden dan wel onderschreden, zal mogelijk wel de staffel (de percentages en/of het plafond van de eerste schijf) voor 2022 worden aangepast. Indien in 2021 het gehele budget van € 4 miljard is gebruikt, is het mogelijk dat de BIK in 2022 zelfs zal worden verlaagd tot nihil. De parameters voor 2022 zullen voor 15 december 2021 bekend worden gemaakt. 

KIA/VAMIL/MIA/EIA

De BIK is een aanvulling op de huidige stimuleringsregelingen. Een ondernemer kan dan ook een beroep doen op de BIK én de KIA/VAMIL/MIA/EIA. De BIK-afdrachtsvermindering heeft daarbij geen invloed op de investeringsbedragen voor deze regelingen en de afschrijvingsbasis van de bedrijfsmiddelen.

Aanvragen bij RVO:

Vanaf 1 september 2021 kunnen de elektronische aanvragen worden ingediend bij de RVO. Hierbij geldt dat een BIK-inhoudingsplichtige maximaal 1x per kwartaal een aanvraag kan indienen. Daarnaast geldt een minimaal investeringsbedrag per aanvraag van € 20.000, wat een afdrachtsvermindering van € 600 oplevert. De aanvraag moet uiterlijk binnen drie maanden na afloop van een kalenderjaar worden ingediend. De RVO heeft vervolgens 12 weken de tijd om op de aanvraag te beslissen en een BIK-verklaring af te geven.

Afdrachtsvermindering loonheffingen:

De BIK is vormgegeven als een afdrachtsvermindering op de loonheffingen. Hiervoor is gekozen, zodat ook ondernemers die door de coronacrisis geen winst realiseren ook kunnen profiteren van de stimuleringsregeling. Dit zorgt er uiteraard wel voor dat de BIK alleen toegepast kan worden door inhoudingsplichtige volgens de Wet op de loonbelasting. Hierbij geldt nog als aanvullende voorwaarde dat de inhoudingsplichtige tevens belastingplichtig voor de inkomstenbelasting dan wel de vennootschapsbelasting moet zijn. 

Bij investeringen in het kader van samenwerkingsverbanden wordt de investering aan de inhoudingsplichtige voor de loonheffingen toegerekend. Dit geldt ook voor investeringen door een vennoot in het buitenvennootschappelijk vermogen.

Bij een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting doet één BIK-inhoudingsplichtige de aanvraag namens alle ondernemingen binnen de fiscale eenheid. Bij de aanvraag bij de RVO moet de afdrachtsvermindering toebedeeld worden aan de verschillende inhoudingsplichtige voor de loonbelasting binnen de fiscale eenheid. Als geen verzoek om toedeling wordt gedaan, wordt de afdrachtsvermindering volledig toegerekend aan de BIK-inhoudingsplichtige. De BIK kan hierdoor ook toegepast worden bij investeringen door vennootschappen die niet inhoudingsplichtig voor de loonbelasting zijn.

Nadat de BIK-inhoudingsplichtige een BIK-verklaring heeft ontvangen van de RVO kan vanaf dat aangiftetijdvak voor de loonbelasting, en eventueel de daaropvolgende aangiftetijdvakken, rekening worden gehouden met de afdrachtsvermindering. Als na het laatste aangiftetijdvak over het betreffende kalenderjaar nog een BIK-afdrachtsvermindering resteert, kan dit, middels een correctiebericht aan de Belastingdienst, worden verrekend met de aangiftetijdvakken in het betreffende kalenderjaar van voor de ontvangst van de BIK-verklaring. Aangezien de aanvragen bij de RVO pas vanaf 1 september 2021 kunnen worden ingediend, zal dit vermoedelijk voor veel van de BIK-verklaringen over 2021 spelen. 

Jorine van der Waals


Jorine van der Waals
Belastingadviseur

jorine.van.der.waals@actan.nl
+31 6 52 36 01 64

 

 

 

 Kom ons

 

 TEAM VERSTERKEN

 

 Bekijk de vacatures

Doe de

 

MKB branchescan

 

Krijg inzicht in uw positie in de branche

BAANGERELATEERDE
 

INVESTERINGSKORTING


(BIK)

Stel mij een vraag

Specifieke informatie nodig?

Stel ons een vraag

T +31 20 653 21 00